Afgestudeerd, wat nu? Renée Volkers

In onze rubriek ‘Afgestudeerd wat nu?’ vragen we recent afgestudeerde kunsthistorici om hun ervaringen en adviezen met ons te delen. Hoe zijn de eerste momenten nadat je die langverwachte bul in handen hebt? Dit keer: Renée Volkers, sinds vorig jaar afgestudeerd aan de UU en momenteel werkzaam als assistent-conservator Moderne kunst bij het Kunstmuseum in Den Haag. 

Mijn studietijd kenmerkte zich voornamelijk door de dingen die ik buiten de collegezalen deed. Zo zat ik elk jaar in meerdere commissies van Stichting Art, werd ik in mijn derde jaar voorzitter van de studiestichting, en liep ik tijdens mijn bachelor al onderzoeksstage bij Museum Boijmans Van Beuningen. Die laatste twee zaken waren alleen mogelijk doordat ik ervoor koos om een vierde jaar in mijn bachelor te doen, en daar heb ik alleen maar van geprofiteerd. Door dat extra jaar wist ik veel beter waar mijn interesses lagen en kon ik veel meer richting geven aan een toekomstige carrière. Zo kwam ik bij het Boijmans achter mijn passie voor Surrealisme, en werd mijn interesse voor kunsthistorisch onderzoek bevestigd. Daarna meldde ik me aan voor de Research Master aan de UU, waar ik mijn interessegebied kon ontwikkelen tot een specialisatie. Daar leerde ik ook van docenten en medestudenten dat je vooral moet proberen om je onderzoek al tijdens je master de wereld in te brengen via congressen en artikelen. En daardoor sprak ik in 2018 op een Surrealisme-congres in de Verenigde Staten over mijn onderzoek over Surrealisme en anti-kolonialisme, en hield ik een paar maanden geleden nog een voordracht over het Surrealistische alter-ego op een congres van de universiteit van York. 

Maar uiteindelijk is mijn meest waardevolle ervaring mijn masterstage bij Museum Ludwig in Keulen geweest. Ik kreeg daar heel veel mogelijkheden aangereikt, waaronder de kans om een retrospectief over de expressionistische kunstenaar Gabriele Münter te cureren. De organisatie van die tentoonstelling maakte ik ongeveer van begin tot eind mee. En omdat ik in Keulen zoveel mogelijkheden kreeg, werd ik in razend tempo klaargestoomd voor de arbeidsmarkt. Aanvankelijk vond ik het enorm spannend – ik sprak bijna geen Duits – maar door wilskracht om er het beste van te maken, ben ik zowel op persoonlijk en professioneel vlak destijds enorm gegroeid. 

Ik denk dat uiteindelijk mijn werkervaring in het buitenland de doorslag heeft gegeven waardoor ik op sollicitaties werd uitgenodigd en waardoor ik nu mijn droombaan heb bemachtigd. Mijn volgende stappen zijn: conservator worden, promoveren, en uiteindelijk directeur van het MoMA worden.

Ik zou huidige studenten aanraden om tijdens je studie jezelf te verrijken door commissiewerk en stages, maar ook zeker door ervaring op te doen in het buitenland. Laat studiepunten of nominaal afstuderen daarbij geen hindernis zijn, want deze ervaringen geven je richting in je carrière en ze zijn wat jou straks uniek maakt bij sollicitatieprocessen. 

En tot slot: Daag jezelf uit, hoe ver kun je dromen?